Nederlands    English
   
 
 
 
 

Noodhulp
Sahel noodhulp
Aardbeving in Haíti
Natuurrampen Zuidelijk Azië
Geweld in Oost-Congo
Overstromingen in Bihar
Cycloon in Myanmar
Aardbeving op Java
Aardbeving Pakistan
Tsunami
Verhalen
Veel gestelde vragen
SHO-rapportages
Tsunamirapport Tear
<< home

De tsunami: drie jaar later

De tsunami die volgde op de aardbeving van Tweede Kerstdag 2004 was een van de grootste natuurrampen ooit. Golven van soms 17 meter hoog verwoestten de kusten van veertien landen in Zuidoost-Azië en Oost-Afrika. Ongeveer 230.000 mensen kwamen bij de ramp om. 1,7 miljoen mensen raakte ontheemd en 5 miljoen mensen werden in hun bestaan in meer of mindere mate bedreigd.

Noodhulp werd ontwikkeling
Sinds de tsunami zijn partners van Tear actief geweest in India, Sri Lanka en Indonesië. Aanvankelijk met noodhulp, later met wederopbouw. In de loop van de afgelopen drie jaar heeft Tear in samenwerking met haar zuidelijke partners bijgedragen aan de bouw van huizen, scholen en waterputten, maar bovenal aan het herstel van honderdduizenden gezinnen. Veel gezinnen zijn zelfs vooruitgeholpen en hebben een ontwikkelingsstap kunnen maken. Zij staan er nu beter voor dan voor de tsunami. Het dorp Pethankuppam in India is daarvan een voorbeeld

Integrale aanpak
Tear heeft zich als doel gesteld bij te dragen aan:
(1) de wederopbouw van beschadigde infrastructuur zoals scholen en huizen;
(2) het herstel van de economische activiteiten;
(3) de versterking van de lokale capaciteit, ook naar de toekomst toe;
(4) gezondheidszorg en psychosociale zorg voor de getroffenen;
(5) preventieve activiteiten om de gevolgen van toekomstige rampen te verzachten.

Tear opereert vanuit een visie dat niet alleen de lichamelijke maar ook psychische nood van de mensen van belang is voor herstel. En dat niet alleen huisvesting van belang is maar ook de economische mogelijkheden en gezondheid. Waar mogelijk en noodzakelijk voerde Tear in de wederopbouwfase dan ook integrale projecten uit, die gericht zijn op al deze onderdelen in hun onderlinge samenhang. Een project van onze partner CCS in Colombo (Sri Lanka) is daarvan een voorbeeld.

Eigen capaciteit
De tsunami leerde ons dat de lokale bevolking veel capaciteit heeft om zich in de eerste noodsituatie te redden. Het evaluatieonderzoek van de Tsunami Evaluatie Commissie in 2006 concludeert dat de meeste mensen niet zijn gered door noodhulporganisaties, maar door de bewoners van de rampgebieden zelf. De rol van organisaties als Tear was om kapot gemaakte structuren tijdelijk op te vangen, weer op te bouwen tot de oude staat en waar mogelijk verder te ontwikkelen.

Een ramp zoals de tsunami vormt een onderbreking in de doorgaande ontwikkeling van een gemeenschap. Structuren om het land en de mensen verder te ontwikkelen zijn al aanwezig. Het is de rol van lokale organisaties om te zorgen dat die hersteld worden en dat hulpprogramma’s aansluiten bij bestaande en vroegere ontwikkelingsprojecten. Een voorbeeld is het tijdelijke ziekenhuis van onze partner GBI-Pelmas in Banda Aceh (Indonesië).

Lees hier het overzicht van projectactiviteiten, resultaten en financiën